WORD$( stringExpression, n [,string delimiter] )



Omschrijving:
Deze functie keert met het n-de  woord uit de string, de stringvariabele of de reeks woorden,
stringExpression terug.  De spaties voor en achter stringExpression worden eraf gestript 
en daarna wordt de rest opgesplitst in "woorden" met behoudt van de aanwezige spaties.
Als n kleiner is dan 1 of groter dan het aantal woorden in stringExpression, 
dan wordt "" weergegeven.  Het woord afbakeningsteken is facultatief.  
Wanneer het niet wordt gebruikt, is de spatie de afbakening.

Gebruik:

  print word$("The quick brown fox jumped over the lazy dog", 5)

Produceert:

  jumped

en:

  ' display each word of sentence$ on its own line
  sentence$ = "and many miles to go before I sleep."
  token$ = "?"
  while token$ <> ""
      index = index + 1
      token$ = word$(sentence$, index)
      print token$
  wend

Produceert:

  and
  many
  miles
  to
  go
  before
  I
  sleep.


Het gebruik van de optionele string afbakening:

U kunt het afbakening string bestaande uit één of meerdere karakters nu zelf specificeren,
zodat u  naar keuze woorden kunt lezen die door een komma of een andere string zijn
afgescheiden:

  token$ = "*"
  parseMe$ = "this,is,,a,test"
  idx = 0
  while token$<>""
    idx = idx + 1
    token$ = word$(parseMe$, idx, ",")
    if token$ <> "" then print token$
  wend

Merk ook de dubbelde komma in het teststring op.  Die zal als een komma worden weergegeven. 
Dit is nuttig om lege afbakeningsgebieden in een string te ontdekken. 
Probeer dat door de volgende regels te substitueren:

  parseMe$ = "thisarfisarfarfaarftest"
and:
  token$ = word$(parseMe$, idx, "arf")

om het effect te zien.