Liberty BASIC FILE operations

Liberty BASIC ondersteunt bewerkingen voor de volgende bestandstypen:
SequentiŽle, Binaire en Random Acess Files.

Zie ook de aparte hoofdstukken over:
OPEN, SequentiŽle bestanden, Binaire bestanden, RAF bestanden, INPUT, INPUT$, INPUTTO$, LINEINPUT, PRINT

Bestanden kunnen met het OPEN commando worden gecreŽerd.
Bestanden kunnen met het NAME commando anders genoemd worden.
Bestanden kunnen met het KILL commando verwijderd worden.

Wanneer een bestand wordt gelezen, geeft de functie EOF() een 0 weer als het eind van het bestand niet is bereikt,
anders geeft het een -1 weer. De lengte van een bestand kan met de functie LOF() worden verkregen.
De drive specificaties voor de computer waarop een programma loopt zitten in een speciale variabele Drive$.

Het bestand waarin een programma op schijf staat is te vinden in de speciale variabele DefaultDir$.
Mappen, ook wel Folders genoemd, kunnen met het commando MKDIR (makedir) worden gecreŽerd.
Mappen, ook wel genoemd Folders, kunnen met het commando RMDIR (removedir) worden verwijderd.

De verschillende methodes om bestanden te benaderen

SequentiŽle bestanden worden van het begin tot het eind, opeenvolgend ingelezen.
Het is niet mogelijk om een stuk gegeven ergens in het midden van het bestand te lezen of te schrijven.
Uit een bestand dat voor INPUT worden geopend kan slechts worden gelezen.
Naar een bestand dat voor OUTPUT of voor APPEND (TOEVOEGEN ) worden geopend kan slechts worden geschreven.
Voor meer details, zie het hoofdstuk SequentiŽle bestanden.

Binaire bestanden zijn bestanden die voor binaire toegang worden geopend en zij kunnen worden gelezen of worden geschreven,
beginnend bij om het even welke plaats binnen het bestand.
Voor gedetailleerde informatie voor het gebruik van binaire bestanden, zie Binaire Bestanden.

Random bestanden zijn bestanden die voor directe toegang worden geopend.
Indien geopend kunnen deze bestanden willekeurig per record gelezen of beschreven worden.
De lengte van een record in het bestand wordt vooraf vastgelegd in de OPEN statement.
Voor gedetailleerde informatie bij het gebruiken van RAF bestanden
zie de aparte hoofdstukken voor Directe toegankelijke bestanden (RAF = Random ACCESS FILE).

String en Numerieke gegevens, teksten of getallen, worden altijd als ASCII- tekstkarakters in de bestanden geschreven,
zoals het volgende voorbeeld illustreert:

open "test.txt" for output as # F
print # F, "12345"
print # F, 12345
close # F

open "test.txt" for input as # g
txt$ = input$(#g, lof (#g))
close # g
print txt$
end

' produceert 12345 12345